Een steen is geen bankbiljet

In het kader van de nieuwe Woningwet moeten alle corporaties de waarde van hun huizenbezit nu bepalen op basis van marktwaarde in verhuurde staat. Door deze nieuwe methode lijkt het alsof we ineens veel meer geld hebben om uit te geven of te investeren. Dat geld zit in de stenen van onze huizen, maar een steen is geen bankbiljet. Je kunt met je huis geen rekeningen betalen. Ook Domesta niet.

Er zijn verschillende manieren om te bepalen wat onze huizen waard zijn. Bij de historische kostprijs kijk je wat het bouwen van het huis destijds gekost heeft (kopen van de grond, bouwkosten, personeelskosten, verhuiskostenvergoedingen en dergelijke). De bedrijfswaarde zegt vooral iets over wat het huis waard is voor de huidige eigenaar. Daarbij kijk je naar de inkomsten (huur) en uitgaven (zoals onderhoud) die je verwacht. De marktwaarde laat zien wat een huis waard is als je het op de vrije markt verhandelt.

Je kunt niet spreken van ‘de beste manier’ om de waarde van woningen te bepalen. Dat is afhankelijk van het doel dat een woningcorporatie ermee heeft. Wij hebben in elk geval niet als doel om de huizen te verkopen, maar juist om ze blijvend te verhuren aan mensen met lagere inkomens. Daarom past het begrip ‘marktwaarde’ ook minder goed bij ons.

Verschillende methoden van waarderen betekent wel dat als je de methode wijzigt, er een ander bedrag uitkomt. Terwijl er niks verandert aan al die huizen. We hebben niet ineens meer of minder geld in onze portemonnee.

Wat vind je van deze inhoud?

Nuttig Niet Nuttig